MBIR heeft formeel bezwaar ingediend tegen het project, dat onvoldoende inspeelt op de noodzaak aan klimaatrobuuste inrichting en publieke leefkwaliteit.

Openbaar groen, maar voor privégebruik?
Het grootste pijnpunt is het gebrek aan kwalitatieve, publieke groenzones. Hoewel het plan zogenaamd inzet op “openbaar groen in een bomenrijde omgeving”, blijken de voorziene wadi’s—laagtes in het terrein die regenwater opvangen—volledig in functie van privépercelen te liggen. Er zijn geen bomen voorzien bij deze wadi’s, en bovendien worden ze door de stad onderhouden, ondanks hun beperkte gemeenschapswaarde.
We krijgen enkel een groenzone op papier.
Groen langs de straat, niet tussen de tuinen
We vragen expliciet om een versterking van het straatgroen, met een aaneengesloten boomkruinlengte van 190 meter langs de straten. In het huidige ontwerp voorziet de ontwikkelaar slechts 90 meter boomkruinen, en dat nog tussen de private tuinen—een ingreep die geen structurele verkoeling, schaduw of esthetische waarde aan de straat biedt.
“Straatbomen dragen bij aan de leefbaarheid, verkoeling en biodiversiteit van een stad. De huidige plannen zijn onvoldoende afgestemd op de klimaaturgentie én op de leefkwaliteit van de buurt.”
Oproep tot herziening
MBIR roept het stadsbestuur op om het verkavelingsplan grondig te doen herbekijken, met een duidelijke focus op klimaatadaptatie, gemeenschapswaarde en ecologische meerwaarde. De groep benadrukt dat ze niet tegen ontwikkeling is, maar dat nieuwbouwprojecten hun verantwoordelijkheid moeten nemen in de strijd tegen hittestress, wateroverlast en biodiversiteitsverlies.
“Een duurzame stad begint bij doordachte verkavelingen. We vragen geen extra luxe, we vragen enkel wat noodzakelijk is: bomen waar ze wérkelijk iets betekenen.”

Geef ons wat groen voor de mensen die zorgen voor morgen.